πŸ“š Assignment 1: A new friend

πŸ‡³πŸ‡± Opdracht 1: Een nieuwe vriend

πŸ‡¬πŸ‡§

Lees deze tekst.

Klaas is op een feestje. Hij kent niemand en zit alleen op de bank. Het is pas zes uur. Hij kan nog niet naar huis.Β 

β€œHallo, ik ben George”.Β 

Klaas kijkt op. George steekt zijn hand uit. Klaas schudt zijn hand. β€œIk ben Klaas, leuk je te ontmoeten”, antwoordt hij.Β 

β€œMag ik naast je zitten?” vraagt George beleefd. Klaas knikt.Β 

β€œIk ken niemand op dit feestje”, zegt George. β€œIk ben hier met mijn man, Daan. Hoe vind jij het feestje?”

β€œIk ken ook niemand”, zegt Klaas. β€œIk ben hier met mijn vrouw, Charlotte. Ik houd niet van feestjes”.

β€œWat vind je wel leuk? Wat zijn je hobby’s?”

β€œIk houd van koken en eten”.Β 

George lacht hardop. β€œIk houd ook van eten! Maar ik ben niet goed in koken.” Hij zucht. Klaas knikt. β€œKoken kan moeilijk zijn.”

β€œWat is je favoriete eten?” vraagt Klaas.Β 

George denkt na. β€œMijn favoriete eten is pizza. En wat eet jij graag?” 

β€œPizza is lekker, maar mijn favoriete eten is boerenkool”, antwoordt Klaas. Zijn maag rommelt. George zegt: β€œIk heb ook honger.”

Ze gaan naar de hapjestafel. Ze hebben leuke gesprekken. Klaas vindt dit feestje niet zo stom, want hij heeft een nieuwe vriend gemaakt!

πŸ‡¬πŸ‡§

Beantwoord de vragen.